Gonneke Verschoor

KERAMIEK EN STAAL, (wand) objecten en installaties

Contact
e: gonnekeverschoor@gmail.com
w: www.gonnekeverschoor.com

‘ I don’t think that writers or painters or filmmakers function because they have something they particularly want to say. They have something that they feel.’
Stanley Kubrick (1928-1999)

het waarom

Een bezoeker van mijn atelier vroeg me eens, of ik mijn werk maak omdat ík het nodig heb, of omdat de wéreld het nodig heeft. Ik vond het een geweldige vraag en was eigenlijk eerst even beduusd. Maar ik denk dat ik het een eigenlijk niet zonder het ander kan zien.

In 1992 ontdekte ik mijn passie voor klei. Het is een plastisch materiaal waarmee ik – haast – meditatief kan werken. Jaren geleden raakte ik in een Amsterdamse knopenwinkel gefascineerd door de schoonheid van alleen maar knopen. Met een knoop kun je eindeloos experimenteren en variëren. Eenvoud van vorm en de kracht van herhaling zijn een belangrijk kenmerk van mijn werk.

knopentapijten

Mijn ‘knopentapijten’ zijn uniek en met de hand gemaakt.

Het zijn wandobjecten met tientallen, zo niet honderden, knopen van keramiek en porselein op een (roestvrij) stalen ondergrond.

In mijn atelier, op mijn website en in het boek Ritme en verstilling(2016) zijn ze te zien; ze zijn niet alleen ritmisch en eigenzinnig, maar stralen ook rust én dynamiek uit.

conceptueel werk – vergeetwoorden

In recent werk gebruik ik taalelementen om terug te kunnen grijpen naar een vroege passie: taal. Er zijn woorden in iedere taal, die zo mooi zijn dat ze je verrassen en bekoren. Niet altijd ken je er de betekenis van: bijvoorbeeld omdat ze nieuw, vreemd of archaïsch zijn. Zo kent het Nederlands ‘vergeetwoorden’ die niet meer zo vaak worden gebruikt, maar nog wel worden gekoesterd. Ik adopteerde in 2017 het woord ‘frappant’ om die reden en heb het – met nog een vijftigtal vergeetwoorden – aangebracht op porseleinen knopen om ze aan de vergetelheid te ontrukken. Daarvoor gebruikte ik diverse druk en schildertechnieken voor klei.

kroonluchters vol verhalen

Daarnaast maak ik kunstobjecten met gevonden staal: zoals binnenveringen van matrassen, winkelrekken of oude gereedschappen.

In 2016 kocht ik drie industriële franse stalen rekken, zogenaamde ‘hérissons’ (egeltjes). Daarna verzamelde ik maandenlang kopjes met een oortje. De kroonluchters die ik ermee maakte, reizen sindsdien van locatie naar locatie om de verhalen door te geven van de tweedehands kopjes.

De mensen vertelden mij: hoe ze aan het kopje gekomen zijn, welke herinnering ze eraan hebben en waarom ze het afstaan. Het zijn de mooiste verhalen; soms heel gewoon, maar vaak bijzonder en ontroerend. Wie de kunstwerken koopt, krijgt ze er digitaal bij.

Ik ontwierp voor de kopjes een eigentijds symbool – met de niet meer uit onze cultuur weg te denken ‘emoticons’ – waarmee ik de emoties en herinneringen van de eigenaars en gebruikers heb vastgelegd in het porselein en aardewerk.

De donaties en verhalen zijn niet alleen van particulieren, maar ook van kringloopwinkels, die enkele maanden serviesgoed voor me spaarden.

invloeden

Na mijn opleiding tot Neerlandica aan de Universiteit van Amsterdam koos ik in 2000 voor het kunstenaarschap. Van 2008 tot 2012 woonde en werkte ik in Singapore.

Door de jaren heen is mijn beeldtaal onder andere beïnvloed door mijn bewondering voor weefsels, Engelse middeleeuwse wandtapijten en (historische) tegeltableaus.

Mijn ontwikkeling is verder bepaald door een aantal kunstenaars, van wie ik les had of met wie ik samenwerkte: Arjen Bakermans, Henk Wolvers, Casey Chen, Jason Lim, Gek Hong, Sunsook Roh en Therése Lebrun, Netty Janssens.